"Ben je hoogbegaafd?", "Ben je heel erg intelligent?", die vragen
krijg ik mijn gehele leven te horen. Omdat ik voor mijn derde levensjaar
al kon lezen en schrijven en me te pletter verveelde op de basisschool,
wisten leraren niet wat ze met me aanmoesten. Tijdens een sollicitatie
kreeg ik de vraag, of ik hyperintelligent ben, voorzichtig toegeworpen,
alsof het gênant is om zo'n vraag in alle openheid te stellen.
Hoge intelligentie is nog altijd met mythes omgeven: intelligente mensen zouden niet van prietpraat houden, theoretisch zijn, doordraven in het maken van analyses en té ambitieus zijn voor minder boeiende zaken. De hoogbegaafde mens zou zich snel vervelen in een bepaalde functie. Iemand die multigetalenteerd is zou bovendien te 'generalistisch' zijn om zich op één specifiek vakgebied toe te willen leggen.
Stigma's
Stigma's zijn afkomstig van mensen die zich geïntimideerd voelen door intelligentie. De heersende negatieve toon is 'iedereen is gelijk, dus doe maar gewoon en pas je aan aan de meerderheid die minder intelligent is'. Dat gelijkheidsdenken wordt gestut door beledigde ego's. Typerend voor het eenzijdige denken zijn het niet bestaande fenomeen "Emotionele Quotiënt" (EQ is encefalisatiequotiënt, duidend op het hersenvolume) en "University of Life", of opmerkingen als 'minder intelligente mensen zijn vaak socialer', die tegenstrijdig zijn aan de werkelijkheid. Ik heb nog nooit van mijn leven geklaagd, maar ik heb wel altijd te maken gehad met afgunst van mensen die niet willen accepteren dat mensen verschillend zijn.
Domme mensen
Of domme mensen bestaan? Natuurlijk! Dat zijn mensen die de mond vol hebben over anderen, maar er zelf flink naast zitten. Met mensen die het verband tussen oorzaak en gevolg niet begrijpen, is het niet eens mogelijk om in discussie te gaan. Het mag best worden gezegd dat ik ervan baal dat er zulke domme mensen zijn dat er nauwelijks of niet redelijk met ze te communiceren valt. Iets anders waar ik ook van baal, is dat de mensen die meevaren op de waan van de dag, in de meerderheid lijken te zijn. Mensen verliezen zich in die waan en laten zich jammerlijk leiden door de opinie van de meerderheid. Zulke mensen laten zich een mening opdringen en vereenzelvigen zich er nog mee ook. Ik omring me liever met mensen die zélf denken en voelen, die zich niet laten manipuleren door de meerderheid.
Hoge intelligentie is een voordeel
Ik vind het niet interessant om een etiket aan mezelf toe te dichten. Hoogbegaafdheid en hoge intelligentie zijn per definitie géén geen kant-en-klare definities. Correlaties vormen de indicatoren om intelligentie te beoordelen. Ik weet piekfijn wat ik wel en wat ik niet kan. Bij mij uit intelligentie zich erin dat ik een voeler en ziener ben en daarmee is mijn denkwijze nauw verweven. Ik voel het wanneer mensen iets veinzen. Dat neemt niet weg dat ik helemaal niet vies ben van praten over minder belangrijke zaken en ik sterker gericht ben op sociaal contact dan op theoretische kwesties. Hoewel introversie een pseudowetenschappelijk fenomeen is, is de achterliggende gedachte begrijpelijk: de 'introverte mens' zou geneigd zijn tot introspectieve activiteiten en zich leeggezogen voelen na een dag vol herrie en activiteiten. Introversie zou vaker voorkomen bij intelligente mensen. Ik heb juist het tegenovergestelde: ik heb meer met chaos en zou liever naar een feest gaan dan een boek lezen. Clichés zijn nooit waar! Zo is er ook het cliché dat hoogbegaafden vastlopen op de universiteit, omdat ze voor het eerst moeten leren. Ik haalde moeiteloos mijn vwo en op de universiteit heb ik alsnog niet hoeven studeren.
Met mijn optimisme zeg ik: intelligente mensen die op meerdere fronten goed functioneren, zijn een aanwinst voor de samenleving. Het voordeel van intelligentie is gelegen in wat algemeen erkend wordt als gemene deler: het probleemoplossend vermogen van mensen. Geef een complex vraagstuk of schotel iets onbekends voor en er wordt naar een praktische oplossing gezocht. De vaardigheid om oorzaak en gevolg helder te onderscheiden, is ook een voordeel van intelligentie. Intelligentie die goed kan worden benut.
Hoge intelligentie is nog altijd met mythes omgeven: intelligente mensen zouden niet van prietpraat houden, theoretisch zijn, doordraven in het maken van analyses en té ambitieus zijn voor minder boeiende zaken. De hoogbegaafde mens zou zich snel vervelen in een bepaalde functie. Iemand die multigetalenteerd is zou bovendien te 'generalistisch' zijn om zich op één specifiek vakgebied toe te willen leggen.
Stigma's
Stigma's zijn afkomstig van mensen die zich geïntimideerd voelen door intelligentie. De heersende negatieve toon is 'iedereen is gelijk, dus doe maar gewoon en pas je aan aan de meerderheid die minder intelligent is'. Dat gelijkheidsdenken wordt gestut door beledigde ego's. Typerend voor het eenzijdige denken zijn het niet bestaande fenomeen "Emotionele Quotiënt" (EQ is encefalisatiequotiënt, duidend op het hersenvolume) en "University of Life", of opmerkingen als 'minder intelligente mensen zijn vaak socialer', die tegenstrijdig zijn aan de werkelijkheid. Ik heb nog nooit van mijn leven geklaagd, maar ik heb wel altijd te maken gehad met afgunst van mensen die niet willen accepteren dat mensen verschillend zijn.
Domme mensen
Of domme mensen bestaan? Natuurlijk! Dat zijn mensen die de mond vol hebben over anderen, maar er zelf flink naast zitten. Met mensen die het verband tussen oorzaak en gevolg niet begrijpen, is het niet eens mogelijk om in discussie te gaan. Het mag best worden gezegd dat ik ervan baal dat er zulke domme mensen zijn dat er nauwelijks of niet redelijk met ze te communiceren valt. Iets anders waar ik ook van baal, is dat de mensen die meevaren op de waan van de dag, in de meerderheid lijken te zijn. Mensen verliezen zich in die waan en laten zich jammerlijk leiden door de opinie van de meerderheid. Zulke mensen laten zich een mening opdringen en vereenzelvigen zich er nog mee ook. Ik omring me liever met mensen die zélf denken en voelen, die zich niet laten manipuleren door de meerderheid.
Hoge intelligentie is een voordeel
Ik vind het niet interessant om een etiket aan mezelf toe te dichten. Hoogbegaafdheid en hoge intelligentie zijn per definitie géén geen kant-en-klare definities. Correlaties vormen de indicatoren om intelligentie te beoordelen. Ik weet piekfijn wat ik wel en wat ik niet kan. Bij mij uit intelligentie zich erin dat ik een voeler en ziener ben en daarmee is mijn denkwijze nauw verweven. Ik voel het wanneer mensen iets veinzen. Dat neemt niet weg dat ik helemaal niet vies ben van praten over minder belangrijke zaken en ik sterker gericht ben op sociaal contact dan op theoretische kwesties. Hoewel introversie een pseudowetenschappelijk fenomeen is, is de achterliggende gedachte begrijpelijk: de 'introverte mens' zou geneigd zijn tot introspectieve activiteiten en zich leeggezogen voelen na een dag vol herrie en activiteiten. Introversie zou vaker voorkomen bij intelligente mensen. Ik heb juist het tegenovergestelde: ik heb meer met chaos en zou liever naar een feest gaan dan een boek lezen. Clichés zijn nooit waar! Zo is er ook het cliché dat hoogbegaafden vastlopen op de universiteit, omdat ze voor het eerst moeten leren. Ik haalde moeiteloos mijn vwo en op de universiteit heb ik alsnog niet hoeven studeren.
Met mijn optimisme zeg ik: intelligente mensen die op meerdere fronten goed functioneren, zijn een aanwinst voor de samenleving. Het voordeel van intelligentie is gelegen in wat algemeen erkend wordt als gemene deler: het probleemoplossend vermogen van mensen. Geef een complex vraagstuk of schotel iets onbekends voor en er wordt naar een praktische oplossing gezocht. De vaardigheid om oorzaak en gevolg helder te onderscheiden, is ook een voordeel van intelligentie. Intelligentie die goed kan worden benut.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten